Eerste hulp bij opvoeden van uw hond

Een puppy in huis nemen is natuurlijk hartstikke leuk, maar deze hond moet ook opgevoed worden. Er zijn een aantal basisregels die u in acht kunt nemen bij de opvoeding van uw nieuwe huisdier. Hierdoor zullen u en je nieuwe familielid de eerste weken niet als zwaar, maar juist als leuk en leerzaam ervaren.

hond-opvoedenGeduld is een schone zaak

Het is allereerst belangrijk dat u regels vaststelt en dat u deze vervolgens niet meer verandert. Anders raakt uw dier in de war. Als u uw hond wilt afleren om te bedelen om eten en u stopt hem toch zo nu en dan iets toe, dan zal hij niet begrijpen dat hij niet mag bedelen. Verder is het belangrijk dat u geduldig blijft. Honden voelen emoties haarscherp aan, dus als u gefrustreerd raakt dan zal uw huisdier dit opmerken en van slag raken. De trainingssessies die u samen houdt moeten plezierig blijven, dus ga niet eindeloos door, ook niet als de hond er nog plezier in heeft. Beloon uw puppy op de juiste momenten, anders zal de hond iets op een verkeerde manier aanleren.

Zindelijk maken

Het is goed voor de hond om minimaal twee keer per dag te wandelen tot hij moe is. Je dier krijgt op die manier een voldaan gevoel en zal minder vervelend worden. Neem ook zeker de tijd om plezier met hem te maken, want dat zal de band met uw hond versterken. Als uw puppy nog niet zindelijk is, is het belangrijk dat u het huis goed schoon maakt. Als uw hond namelijk geurtjes van achtergebleven urine of ontlasting ruikt, zal dit hem stimuleren om van die plek weer gebruik te maken.

Wat heeft uw hond te vertellen?

Veel mensen praten tegen honden alsof het mensen zijn. Dit lijkt misschien gek, maar er kan zeker op een bepaalde manier gecommuniceerd worden met honden. Er zijn een aantal dingen waar u op kunt letten, waardoor u beter begrijpt wat uw hond te zeggen heeft en op welke signalen u het beste letten kunt.

Taalgebruik

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat honden onze taal niet zo horen als mensen dat doen. Honden blijken alleen naar tonen te luisteren. Als u ‘zit’ zegt, hoort een hond waarschijnlijk enkel ‘í’ en ‘poot’ klinkt voor uw hond als ‘óó’. Naast het taalgebruik is ook de lichaamstaal belangrijk bij de communicatie naar uw hond toe.

Blaffen of grommen

Honden kunnen naar mensen toe communiceren door te blaffen of juist te grommen. Blaffen is door de hond hond-communicerenspeciaal ontwikkeld om met de mens te communiceren, want honden blaffen niet. Voor iedere situatie heeft uw hond een andere manier van blaffen. Bijvoorbeeld als hij vrolijk is of juist om te waarschuwen als er iemand bij u thuis inbreekt.

Staart

De hond kan ook veel duidelijk maken met zijn staart. Een bekend signaal is natuurlijk kwispelen. Breeduit kwispelen is een vriendelijk gebaar en geeft aan dat de hond vrolijk is en graag vrienden wil zijn en spelen. Een staart tussen de poten betekent juist dat de hond angstig is. Opgezette haren op de staart is een teken van dreiging. De staart omhoog en over de rug krullend is een teken van dominantie.

Blaffende honden bijten soms wel

Veel gedragsproblemen bij honden ontstaan door agressie. Door meer dan een miljoen mensen wordt elk jaar melding gemaakt van een hondenbeet. In deze gevallen zijn veel slachtoffers nog maar kinderen. Er kan ook agressie naar andere honden voorkomen.

bijtende-hondenSymptomen van agressie

Veel vormen van agressie zijn het gevolg van dominantie. Onder dominant gedrag vallen zaken als opspringen, altijd als eerste door de deur willen gaan of niet uit de weg gaan, bevelen negeren, grommen of happen, aan de lijn trekken, niet wegkijken en weglopen. Dit zijn voortekenen van echt agressief gedrag als bijten. Dit gedrag moet dus niet genegeerd worden.

Behandeling

De behandeling van honden die agressief gedrag vertonen kan uiteenlopend zijn. Het hangt sterk af van de oorzaak en ook van het type agressie. Honden die voorbij de socialisatieperiode zijn kunnen moeilijk gecorrigeerd worden. Agressie tegenover andere honden van het gezin kan vaak onderling worden opgelost. Honden bepalen vaak zelf wie er uiteindelijk de baas is. Rangen komen eigenlijk altijd voor bij honden en het heeft geen zin om ze op gelijke hoogte te stellen.

Preventie

De socialisatieperiode is voor honden uitermate belangrijk. Tussen de 8 en 12 weken moeten puppies met zoveel mogelijk mensen, kinderen en andere dieren in aanraking komen. Zo ondervinden ze dat mensen en dieren leuk zijn en worden ze niet getraumatiseerd door een negatieve ervaring of geen ervaring. Agressie is echter vaak erfelijk, daarom moet er met agressieve honden eigenlijk niet gefokt worden. Agressieve honden moeten verder niet de rug toegedraaid worden en ook niet direct in de ogen gekeken worden. Een kort commando kan helpen om een hond op zijn plaats te houden, schreeuwen helpt vaak niet. Etende of slapende honden moeten ook met rust gelaten worden.

Honden met overgewicht

In Nederland lijden veel mensen aan overwicht. Sommige cijfers spreken zelfs van bijna 50% van de bevolking. Toch komt overgewicht niet enkel bij mensen voor. Ook veel huisdieren hebben hier last van. Van de twee miljoen honden in Nederland zijn er ongeveer 700.000 te zwaar. Voor zowel mensen als dieren kan overgewicht gezondheidsproblemen met zich mee brengen.

overgewicht-hondenSignalen van overgewicht

Een manier om erachter te komen of uw hond overgewicht heeft, is door zijn of haar ribben te voelen. Als dit veel moeite kost, dan kan dit een teken van overgewicht zijn. Honden met overgewicht worden verder snel moe tijdens wandelingen en houden spelletjes niet lang vol. In de zomer kunnen zware honden sneller last krijgen van de hitte.

Oorzaken

De belangrijkste oorzaak van overgewicht bij honden is teveel eten en te weinig bewegen. Als uw hond niet zoveel beweegt, zal er niet genoeg energie verbruikt worden. Als er keer op keer energie overblijft, wordt uw hond te dik. Per hond verschilt het natuurlijk hoeveel voeding het beest nodig heeft. Een hond van 20 kilogram moet ongeveer 290 gram droogvoer of 870 gram natvoer eten. Op internet kunt u berekenen hoeveel uw hond precies per dag binnen moet krijgen. U kunt het natuurlijk ook altijd navragen bij uw dierenarts. Een dier dat gecastreerd is moet bijna een derde minder voer gegeven worden, omdat hij minder energie nodig heeft. Oudere dieren verbruiken ook minder energie. Gezondheidsproblemen of andere aandoeningen kunnen er ook voor zorgen dat een dier dikker wordt of minder kan bewegen.